Jan Zeeman

Hongerlente”... Bevrijdingsfeest met honger …

 

“Mijn verhaal speelt zich af in het westen van het land, in Alkmaar. De bevrijdingsfeesten verliepen daar anders dan in de meeste andere regio’s. Vanaf de herfst van het jaar 1944 zat het westen van het land zonder voedsel. Spoorwegstaking, vechtende troepen Duitsers en geallieerden in het midden van het land en de strenge winter maakten transport over water onmogelijk, waardoor west Nederland verstoken bleef van enige vorm van voedsel. De hongerwinter bracht ons tot het eten van tulpenbollen en suikerbieten.

De hongerwinter ging over in de hongerlente in 1945. In april ‘45 gingen de gaarkeukens dicht en zelfs gingen de suikerbieten op de bon. Onderwijl gingen de geruchten door. Kranten en radio waren er niet, geen licht en geen gas… Maar er gingen verhalen, dat er binnenkort bommenwerpers zouden overkomen, die voedsel zouden droppen. Niemand geloofde dat. Maar het was nog waar ook! Ze kwamen en hoe blij zwaaiden we naar de bemanning!

Maar ja, hoe kwam dat voedsel van het vliegveld Bergen naar Alkmaar? De enkele boer die nog een paard had en eentje die nog een wagen had die het nog deed, werden gecharterd en zo kwamen de dozen voedsel en blikken biskwietjes naar de lege magazijnen van de firma Holsmuller in Alkmaar. Maar het duurde nog een week of drie voor we bij de kruidenier een half pond biskwietjes konden kopen. Veel mensen zijn erg ziek geworden van die biskwie. Teveel gegeten op de uitgeteerde magen, opgezette buik, dorst, water drinken… ziek.

Toen werd het 4 mei. We hoorden dat Duitsland zich had overgegeven. Blij natuurlijk. Dat moet gevierd worden! Maar waarmee? We waren uitgehongerd en hadden niks om te vieren. Af en toe hoorde je herrie op straat. Een NSB-er opgepakt, dan weer een moffengriet die van huis werd gehaald en kaal geschoren. Toen kwamen er berichten dat de Canadezen ‘s middags Alkmaar binnen zouden komen. Maar drie middagen stonden we er voor niks. Het werd nog een dag later, maar het voelde erg feestelijk aan.

Geleidelijk kregen we blikjes vlees en het hongergevoel raakte wat weg en er kwamen stemmen om een bevrijdingsfeest te gaan organiseren. Er kwam een feest in het Wapen van Heemskerk, maar toen was het al zomer. Er was weer een biertje en voor jongens zoals ik - een jaar of 16 - was er een ‘Amerikaantje’of een ‘Afrikaantje’. Dat was licht of donker bier met een scheut limonade erin.

Tijdens de hongerwinter en -lente zijn er 20.000 mensen van de honger om het leven gekomen en dat temperde het gevoel om feest te vieren”.

 

 

Dit is een van de 45 "oorlogsverhalen" uit het Gouden Bevrijdingsboek van Stichting Gouden Dagen die we hebben gepubliceerd op onze facebookpagina. Zie hierop ook de reacties op dit verhaal.

In een samenwerking tussen Stichting Oorlogsherinneringen en Stichting Gouden Dagen wordt een aantal van deze verhalen op zowel onze facebookpagina als op deze website binnen deze rubriek gepubliceerd. 

Kijk hier voor meer informatie over deze uitgave en hier over Stichting Gouden Dagen.