Bennie Bloem
Opgetekend door Petra Bontje
Bennie Bloem is kort na de bevrijding (juli 1945) geboren op ‘de Kar’, een buurtschap dat deels bij Voorst en deels bij Apeldoorn hoort. Op nummer E18, tegenover het café, bezaten de ouders van Bennie een boerderij met wat vee. Het gezin Bloem bestond uit vader Bart (Albertus Antonius Bloem), moeder Marie (Maria Johanna Elsebroek) en hun zeven kinderen: Grada, Dientje, Mientje, Wim, Herman, Mrietje en de jongste telg Bennie.
De boerderij van de familie Bloem op De Kar nummer E18 Bennie Bloem voor een afbeelding van café de Kar met op de voorgrond zijn (tegenwoordig Zutphensestraatweg in Klarenbeek) vader, Bart Bloem, met paard en wagen.
(Bron: Van de Kar af gezien,
oorlogsdagboek van A.A. Bloem, 1990, uitgever: W.J.Th. Bloem).
Zo lang Bennie zich kan herinneren, hing in de huiskamer van zijn ouders een ingelijste potloodtekening van hun boerderij, gesigneerd door Jo Diks. Bennie en zijn broers en zussen vroegen zich wel eens af wie de tekenaar was, of hij nog leefde, en waarom hij de boerderij van hun ouders had getekend. Toen hun ouders nog leefden, werd er echter in het gezin Bloem niet veel over de oorlog of over de herkomst van deze tekening gesproken.
Tekening die Jo Diks in de oorlog maakte van de boerderij van Bennies ouders.
Herfst 1944, Stouwgraafseweg (tegenwoordig Leemsteeg), Wilp-Achterhoek
Op last van de Duitse veldmaarschalk Walter Model, moeten 250.000 Arnhemmers, eind september 1944 (tijdens de slag om Arnhem), Arnhem en de directe omgeving onmiddellijk verlaten. Tienduizenden ontheemden lopen richting Beekbergen, Apeldoorn en Ede. Te voet, op de fiets, met karren en kinderwagens. Een menselijke slang kronkelt zich naar het noorden. (Bron: Andere tijden, Arnhem op de vlucht, uitgezonden op 25 mei 2023 op NPO 2.).
Bart Bloem, de vader van Bennie, noteert in zijn oorlogsdagboek op 26 september 1944:
‘Arnhem is geëvacueerd. Ook in Klarenbeek zijn vele burgers ondergebracht. In het parochiehuis 40 zusters, en in de pastorie een deken, twee kapelaans en enkele weeskinderen. In het dorp zouden 3500 mensen zijn ondergebracht.’ (Bron: Van de Kar af gezien, oorlogsdagboek van A.A. Bloem, 1990, uitgever: W.J.Th. Bloem)
Evacués uit Arnhem, 1944, collectie NIOD (Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies), beeldnr. 41261. (www.beeldbankwo2.nl)
Samen met zijn familie, evacueert ook Jo Diks uit zijn geboortestad Arnhem. In Wilp vinden ze onderdak bij mevrouw Streppel-Pol. Later komt hij terecht bij de familie Neuteboom-Spijker in de Broekstraat in Klarenbeek. Ook de verloofde van Jo Diks, Nettie, moet uit Arnhem evacueren. Het is onduidelijk waar zij eind september’44 terecht komt, maar in de periode november-december 1944 woont ze als evacué op de boerderij van Bart en Marie Bloem.
Bij de familie Streppel-Pol, het eerste gastgezin van Jo Diks, zijn veel monden te voeden. Omdat hij goed kan tekenen, trekt Jo erop uit om boerderijen in de omgeving vast te leggen en de tekeningen te verkopen. Soms schetst hij op oud papier, soms ook op de bodem van een oude schoenendoos. Ook de boerderij van Bart en Marie Bloem legt Jo nauwkeurig in een potloodtekening vast. Tijdens het schetsen van de boerderij, staat Nettie voor hem op de uitkijk om te zien of er geen Duitsers aankomen. In de zomer van 1944 is Jo net uit hun handen ontsnapt. (Bron: Kroniek. Oudheidkundige Kring Voorst. Jaargang 38-2015, nummer 2.).
1995
Begin 1995 ziet Grada Bloem, de oudste zus van Bennie, een bericht in het Voorster Nieuws dat er een ‘Dank je wel dag’ wordt georganiseerd van Rotterdamse evacués voor hun gastgezinnen in de regio Wilp-Achterhoek, de Kar, Het Hooiland en Groot Schuilenburg. In het artikel wordt een oproep gedaan om een expositie te organiseren van tekeningen die in de oorlog door Jo Diks zijn gemaakt. Bennie en zijn vrouw Will besluiten daarop om de tekening van de boerderij van Bennies ouders beschikbaar te stellen voor deze expositie. In april krijgen ze een uitnodiging om op 13 mei naar restaurant Bosgoed te komen.
13 mei 1995, café-restaurant Bosgoed, Wilp-Achterhoek
In een zaaltje luistert Bennie Bloem luistert naar een spreker die vertelt hoe het is om te moeten vluchten in oorlogstijd. Achter zich hoort hij een gesprek. ‘…Hij heette Bart en zij heette Marie. …Ze woonden tegenover een café. ..Marie was in verwachting…Het is jammer dat ik er niet meer van weet….’
Nieuwsgierig draait Bennie zich om. Hij vertelt de vrouw die net aan het woord was, dat Bart en Marie zijn ouders zijn en dat Marie toentertijd in verwachting was van hem, Bennie Bloem. De vrouw is sprakeloos. Nog groter is de verbazing van Bennie zelf als zij zich aan hem voorstelt. Ze blijkt Nettie Diks te heten, de vrouw van kunstschilder Jo Diks. Zij is degene die in de periode november-december 1944 bij de familie Bloem geëvacueerd is geweest. Nettie haalt haar man Jo erbij om kennis te maken. ‘U lijkt sprekend op uw vader’, zegt deze tegen Bennie.
Jo Diks en Bennie Bloem (13 mei 1995)
Vlnr. Jo Diks, Nettie Diks, en Bennie Bloem voor de tekening die Jo maakte van de boerderij van Bennies ouders (13 mei 1995.)
Na afloop van de reünie, gaan Jo en Nettie Diks met Bennie en Will Bloem mee naar hun huis op de Zutphensestraatweg, dezelfde plek waar toentertijd de boerderij van Bennies ouders lag. Jo Diks vertelt dat hij de boerderij van Bart en Marie Bloem niet alleen had getekend omdat zijn vrouw er in de oorlog als evacué woonde, maar ook omdat hij de ligging van de boerderij zo mooi vond. Zijn vrouw Nettie blijft voor aan de weg staan en denkt terug aan haar verblijf bij Bart en Marie. Ze herinnert zich nog precies hoe de boerderij er van binnenuit zag, dat ze in de opkamer sliep, en ook dat ze op zondagen een feestelijke maaltijd kreeg met aardappelpuree met veel nootmuskaat en een schaaltje appelmoes. Ook weet ze nog dat Bart Bloem toen een radio bezat, iets dat streng verboden in die oorlogstijd. Bart Bloem heeft haar echter nooit verteld waar hij de radio verborgen had. Zelfs de kinderen van het gezin Bloem wisten niet dat hun vader in de oorlog een radio verborgen had.
Oorlogsdagboek Bart Bloem
In de bezettingsjaren hield Bart Bloem (1905-1976), zoals velen in die tijd, een oorlogsdagboek bij. Omdat hij een radio bezat, was hij niet alleen goed op de hoogte van de lokale gebeurtenissen, maar ook van de landelijke. De broer van Bennie, Wim, publiceerde in 1990 zijn vaders oorlogsdagboek onder de titel ‘Van de Kar af gezien.’ In de inleiding schrijft Wim
dat zijn vader vanaf oktober 1940 tot en met oktober 1945 vrijwel dagelijks in zijn dagboek schreef. Een bloemlezing uit dit dagboek volgt hieronder. Hierbij zijn gebeurtenissen geselecteerd die Bart zelf in-en om de boerderij op De Kar meemaakte. Over de evacué in november-december 1944, Nettie Diks, staat helaas niets vermeld in het dagboek. (Bron: Van de Kar af gezien, oorlogsdagboek van A.A. Bloem, 1990, uitgever: W.J.Th. Bloem)
Oorlogsdagboek van Bennies vader
11 november 1940
[…] We hebben nu nog een zeug, vijf schrammen van 10 pond, een geit met 7 biggen en 8 biggen van tien weken. Hiervoor krijgen we nu 100 pond (in de week) nogal licht voer, haver en gerstafval. Voor de anderen krijgen we iets zwaarder meel maar de portie is te klein. Voor de 5 melkkoeien en een pinkkalf krijgen we maar 825 kg, dat is voor de gehele staltijd. […..]. De distributie van levensmiddelen is voor ons wel overleggen, maar er is geen gebrek. De kleding is al aardig duurder (nog een regenjas gekocht voor fl. 47,50).
Kaart van de luchtbeschermingsdienst gemeente Voorst. De namen van het gezin Bloem staan erop genoemd. Bennie was toen nog niet geboren. (Bron: Van de Kar af gezien, oorlogsdagboek van A.A. Bloem, 1990, uitgever: W.J.Th. Bloem)
6 december 1940
Nellie gemonsterd (om 09.30 uur in de voormiddag) voor vordering van de Duitse Wehrmacht op het Holthuis te Twello, van district 75. Aanvoer 150 paarden waarvan ± 30 onteigend zijn. Nellie was te oud. Corrie van Drikus Bloem was door bevangenheid afwijkend en is ook afgekeurd. Veel boeren die hun paarden niet missen konden, moesten er afstand van doen. […]
2 maart 1941
De 2e maart op een zondagavond zijn ook in Klarenbeek op een tweetal plaatsen de telefoondraden doorgesneden bij Franken en bij Dibbits. Als gevolg hiervan moet iedereen 3 uur op wacht, boven de 45 jaar kunnen ze een plaatsvervanger aanstellen. […]
9 juli 1941
[…] Door de aanhoudende droogte is er nu een groot tekort aan aardappelen doordat de nieuwe nu […] nog haast niets opleveren.
15 september 1941
De kabels gelegd tot bij Harm van Rijsen, zijn doorgesneden. Van toen af gepost ’s nachts per 100 of 200 meter, 1 post.
6 oktober 1941
Prijzen: kabbers (witte kool) 25 cent, veulens en een neurende maal (een vaars) fl.475, een nuchter kalf 60, koffie fl.15 per pond en fles brandewijn fl.7,50, een mud rogge fl.30.
12 oktober 1941
Er komen de laatste weken apart veel nieuwe Ford-auto’s, zo nieuw van de fabriek te Amsterdam, hier over de weg richting Zutphen.
(Ook op 22, 23, 24 oktober en op 20, 22, 26 en 30 november 1941 schrijft Bart Bloem dat er over de weg langs zijn boerderij een 20-tal nieuwe Ford vrachtwagens richting Zutphen rijden.).
5 februari 1943
Heden zijn de klokken uit onze kerktoren gehaald. De klein van 75 cm doorsnee en de grote van 1 meter die 1.000 kg woog, zijn gevorderd door de bezettende macht. Gisteren zijn ook de klokken in Duistervoorde eruit gehaald, 10 man hadden daar 2 dagen werk aan.
30 juli 1943
De 30e kwam hier een Amerikaanse bommenwerper over die door Duitse jagers achtervolgd werd, waarbij veel geschoten werd. Wij waren haver aan het maaien. Hij werd neergeschoten bij het Apeldoornse bos waar hij wel 14 dagen heeft gelegen. Vijf man kon nog ongedeerd uitstappen, een man is verongelukt doordat de parachute weigerde, een is met valscherm gedaald in de Goors en een is nog voortvluchtig.
3 oktober 1943
Voor een neurende koe, een gewone, wordt fl. 2200,- geboden.
10 oktober 1943
Het is zondag en buitengewoon mooi weer, maar boven ons zwermen zware Amerikaanse bomenwerpers in grote drommen richting Deventer. […]
30 januari 1944
Zondagmiddag 2 uur. Den gehele voormiddag hadden de Engelsen en Amerikanen al druk gevlogen toen ze na de middag hier met Duitse jagers slaags en in zware gevechten raakten waarbij met mitrailleurs en lichte kanonnen geschoten werd, en een Duitse jager werd geraakt. Bij de “Boterton” (Algemene begraafplaats te Wilp) viel een Duitse parachutist op de grond, bij de Wilpse kerk viel een Duitser dood. Bij Piet de Valk op Bussloo viel de machine, hij zat wel 3 meter in de grond. […]
Persoonsbewijs van Bart (Albertus Adrianus) Bloem, de vader van Bennie. Het stempel stelde hem vrij van Arbeitseinsatz. (Bron: Van de Kar af gezien, oorlogsdagboek van A.A. Bloem, 1990, uitgever: W.J.Th. Bloem)
23 juni 1944
Vordering van paarden die allemaal zowat goedgekeurd worden en de grens overgaan. Ook vordering van auto’s.
8 juli 1944
Dit jaar, voor het eerst, de haver, rogge en gerst enz. op het land geschat in 3 klassen,. De geschatte hoeveelheid moet geleverd worden, van het overschot moet de helft geleverd worden en de rest mag men houden. De slachtingen worden minder, de meesten mogen maar een stuks vee slachten.
30 september 1944
[…] Het verkeer over de weg is niet anders dan van de SS. Een controlepost hier stelt onderzoek in of de papieren goed in orde zijn en of men soms ook wel zonder papieren op weg is en of er Tommies vervoerd worden. De controle wordt ’s nachts verdubbeld. […]
3 oktober 1944
Den 3 october zijn de Duitsers die hier inkwartiering hadden weer vertrokken naar Klarenbeek. Hier was 15 man, in de hele buurt ± 70 man. Gewerkt aan de Todt tussen Epse en Gorssel. Tommies heb Bennie ‘s morgens een trein gebombardeerd in Twello, er vielen bommen, een bij Zendijk en een bij de Domineestraat op een locomotief van een Rode Kruis trein. […] Dinsdags is er een razzia gehouden vanaf Klarenbeek de Broekstraat door tot hier. Vele jonge boeren zijn gegrepen en naar Apeldoorn overgebracht vanwaar ze ’s avonds hier over de straatweg weer naar Zutphen moesten lopen en nu in Eefde te werk gesteld zijn aan de Todt-werken* aldaar. Ze moesten op het werk blijven en kwamen niet thuis. Boeren die aan het ploegen waren konden het paard op stal zetten en moesten zo maar mee. Onder andere zijn meegenomen: Dorus Dolman, Gait Oosterman, Bart Borgonje, Toon Jansen, Tiens Jansen, Harm Jansen en Antoon Berends.
(*De Organisation Todt (OT) was een nazi-bouworganisatie die tijdens WOII op grote schaal militaire bouwwerken uitvoerde, zoals de Atlantikwall en bunkers, waarbij ze gebruik maakten van dwangarbeiders, krijgsgevangenen en (gedwongen) burgers, waaronder veel Nederlanders via de Arbeitseinsatz.)
Lastgeving Todt. Bart Bloem moet zich op 9 februari 1945 melden met paard en wagen.
5 oktober 1944
Bij de fabiek van v.d Lande is, toen we daar werkten voor de Todt, een Duitse jager neergeschoten door een Tommie. De piloot kwam behouden met een parachute aan de grond. […]
16 oktober 1944
[…] Vrijwel de hele gemeente Vorst is aangezegd te moeten werken aan de loopgraven en tankvallen achter de IJssel tussen Deventer en Zutphen. Er wordt weinig controle gehouden, wie niet weg kan moet net zo goed werken als iemand die wel tijd heeft. Er moet gewerkt worden van ‘s morgens half acht tot ’s avonds half zes.
21 oktober 1944
[…] 20 October moesten we vluchtelingen wegbrengen. Deze mensen kwamen uit Limburg, waren de grens overgegaan, en zijn later door de Duitsers bij Gendringen weer over de grens gezet, dan met de tram naar Zutphen vervoerd en vandaar door boeren uit de Wilpse Achterhoek naar Twello overgebracht. Hun einddoel zou Utrecht zijn. […]
16 november 1944
Den 16e november veel met paarden bespannen voertuigen over de weg. Allerhande typen: hele kleine wagens op vier wielen, landauers en sjezen tweewielig, allemaal zo langs de weg in beslag genomen materiaal. Ze hadden hun lading gedekt met stro en hooi. Men kon de inhoud niet zien. Een zo’n colonne van 40 stuks heeft ’s nachts hier overnacht. […] Hier zijn vier man gewest met zes paarden en twee wagens. Een foerageerwagen en een met stro bedekt, waaronder ze vier beste biggen hadden die ze met haver voerden. […]
14 december 1944
Een nacht logies aan twee Hollandse SS-soldaten die met paarden en wagen op reis waren van Utrecht naar de Achterhoek. Daar moesten ze kachels en pijpen gaan brengen. […]
31 december 1944
Schaarste aan alles: 1hl aardappelen fl. 60,-, 1 pond boter fl. 35,-, een neurende koe fl. 7000,-, een veulen fl. 4000,-. Daar er niets of weinig te koop is wordt het meeste geruild: 50 sigaren voor 100 pond tarwemeel, half pond koffiesurrogaat voor 12 eieren, en 15 pak koffiesurrogaat voor 2 pond spek.
15 februari 1945
Van 9 tot 15 februari aan de Todt gewerkt met paard en wagen, 2 dagen stro van station Twello naar Bandijk gebracht, 2 dagen van Noordijk takken weggebracht naar de Marsweg bij Deventer waar 4 stuks 87 cm kanonnen en 3 stuks 2 cm lichte kanonnen staan voor afweer bruggen te Deventer, 2 dagen naar Deventer dennen halen voor “De Dijkhof” te Twello, 1 dag lankwagen kapot gereden Dit was voor mij het einde van de Todt.
Bart Bloem met paard en wagen voor café de Kar
28 februari 1945
Sommige dagen komen er zeer veel V1’s over ons huis. Engelse jagers schoten bij de Vosterd weer een Duitse vrachtauto in stukken. Daar per 1 maart de bruggen over de IJssel gesloten worden voor hen die daar tot nog toe levensmiddelen gingen halen, is het nu een zeer druk getrek over de weg. In een half uur zijn er 650 geteld. Allemaal bepakt en gezakt met surrogaat fietsen, bakfietsen, kinderwagens en allerhande vervoermiddelen waarmee ze de reis maken die soms wel 8 dagen en nog langer duurt.
13 april 1944
[…] ’s Avonds om half zes een zeer zware slag van een inslaande granaat, afkomstig van de richting Achterhoek, die bij ons een gat in de stalmuur sloeg en gebroken werd door een twaalftal kosten met voor gekiemde aardappelen die tegen de binnenmuur stonden en zo de nog op stal staan de koeien beschermden tegen de splinters. […] Tegen 7 uur, terwijl we nog in de kelder zaten vanwege het hevige granaatvuur, hoorden we geklos over de stenen […] toen zagen we Canadezen lopen die in gebogen houding over de weg trokken. […] ’s Nachts in de kelder geslapen.
14 april 1945
[…] Ze schoten vanaf de spoordijk op het kanon welke hier achter het bakhuis van Steven Hofenk stond. Hierdoor en tevens door het geweldige knallen van het Tommie kanon is Marie met de kinderen vier dagen naar Gerrit geweest in de Posterenk. Ook tegen 10 uur in de avond weer een zeer hevig artillerievuur uit het westen, de granaten gierden over ons huis.
15 april 1945
Een rustige nacht doorgebracht in de silo terwijl de Tommies in ons huis sliepen […]
16 april 1945
De 16e een af en aanrijden van wagens en materiaal in beide richtingen. Hier op café “De Kar” is een Rode Kruis post ingericht waar de gewonden, die in hoofdzaak van het Noteniusbos komen, verbonden konden worden. […].
********************************************************************************************************
Nawoord
Het dagboek van Bart Bloem loopt van 29 oktober 1940 tot 28 oktober 1945. In de bloemlezing hierboven zijn een aantal fragmenten uitgelicht die een beeld geven van het leven van Bart, Marie, en hun gezin. Ik wil hun jongste zoon, Bennie Bloem, hartelijk danken voor het interview en de krantenartikelen van de bijeenkomst op 13 mei 1995 in restaurant Bosgoed. De familie Bloem wil ik hartelijk danken dat ik mocht citeren uit het dagboek van hun vader Bart Bloem.